Tartiflette op zijn Belgisch

Tartiflette is zo één van die ovenschotels dat ik ‘s winters minstens één keer op tafel tover. Meestal maak ik deze klassieker uit de Franse Alpen in zijn traditionele samenstelling met Reblochon, aardappelen en spek. Maar omdat een beetje variatie geen kwaad kan, werd het deze keer een Belgische variant met witloof en Herve-kaas.

Wat heb je nodig? 6 aardappelen, 4 stronken witloof, 2 plakken gekookte ham (van ongeveer een halve centimeter dikte), 2 Herve-kaasjes, 100g geraspte kaas, peper en zout.

Hoe ga je te werk? Schil de aardappelen en kook ze vervolgens gaar in licht gezouten water. Stoof het witloof aan en laat  het verder garen. Snij de ham in fijne reepjes en doe hetzelfde met de Herve-kaas (stinkende handjes krijg je er gratis bij :-) ). Neem een vuurvaste ovenschotel en begin met de stronkjes witloof. Vervolgens strooi je er de hamblokjes over en maak je een laagje met de aardappelschijfjes. Afwerken doe je vervolgens met de Herve-kaas en de geraspte kaas. Schuif tot slot het geheel 20 minuten in een voorverwarmde oven (van 180 graden) en geniet van deze stevige winterkost.

Camembert….heerlijk op de barbecue

Het leven op de barbecue kan toch geweldig simpel zijn. Je stopt wat knoflook en rozemarijn in een camembert, plaatst het een tiental minuutjes op de barbecue en haal wat brood boven.

Wat heb je nodig? 1 camembert, 2 knoflooktenen, 1 takje rozemarijn, wat witte wijn en rozijnenbrood of ciabatta om heerlijk te dippen.

Hoe ga te werk? Stop alles op of in de camembert en plaats het (met houten bakje en al) op de barbecue. Wacht een kwartiertje en dip naar hartelust.

Les gaufres & les Ch’tis

Sinds vorig jaar hebben wij het geluk dat één van onze vrienden in Le Nord woont. Ze ruilde haar Belgische woonst in voor een charmante boerderij (met gite) in de buurt van Le Toucquet. Redenen genoeg om af en toe een uitstapje  -lees een culinaire uitwisseling – naar het land van les Ch’tis te maken.

Ik weet nog hoe wij de eerste keer afspraken in het plaatselijke café. Meteen werden wij ondergedompeld in de Franse cafécultuur. Een pint gaan pakken is er haast uitsluitend een mannenzaak. Er wordt gekust of toch minstens handje geschud als je je entrée maakt. Zo’n dorpscafé verkoopt ook meer dan drank alleen. Tabak, loterijbiljetten, kranten,…het gaat er allemaal vlotjes over de toonbank. Omdat het café de enige ‘commerce’ is in het dorp kan je er op bepaalde dagen ook je brood, kaas en zelfs kartons champagne laten leveren.

Deze slideshow heeft JavaScript nodig.

Ook een bezoek aan de plaatselijke markt staat dan altijd op het programma. Bij het zien van de ‘produits du terroir’ en het kleurrijke groenten- en fruitaanbod krijg ik een instant vakantiegevoel. Onlangs ontdekte ik er een geweldig wafelkraam waar men ter plaatse  kleine wafeltjes bakt en vult met een smaak naar keuze. Omdat ik niet kon kiezen tussen vanille, mokka, framboos speculoos, choco,…kocht ik een stukje van elk.

La Belle Iloise

Kopen doe ik nog altijd met mijn ogen. Tijdens een bezoekje aan Cancale,  viel mijn oog op de leuke winkel van La Belle Illoise. Deze familiale – maar ondertussen uit de kluiten gewassen- conserverie is zeker een bezoekje waard. Ik keek werkelijk mijn ogen uit en liet mij graag verrassen door hun uitgebreid productengamma. Sardines, tonijn,  makreel,… niet eerder zag ik zoveel soorten en smaken. Ook de vormgeving van de potjes en hun verpakkingen konden mij bekoren.

Naast hun traditionele producten waar ene Georges Hillet in 1932 mee begon, is hun gamma ook uitgebreid met producten die ons gemak aanzienlijk verhogen. Zo verkopen ze ‘toasts chaudes’ kant-en-klare spreads die warm geserveerd worden. Van de koude ‘tartinables’ ben ik ondertussen fan. Deze dippers op basis van vis én gecombineerd smaakmakers als olijven, parmazaan of kappertjes zijn leuk om in huis te hebben. Je hoeft enkel wat brood te snijden,  een potje open te doen en je hebt meteen een leuk aperitiefhapje.

Jammer dat ze voorlopig enkel winkels hebben in Frankrijk. Voorlopig sla ik -als ik in Frankrijk ben – mijn voorraad in en wacht ik geduldig  tot hun winkel in Brussel opent. Kan je ook niet wachten, bezoek dan zeker hun website. Naast l’histoire ontdek je er ook leuke recepten en hippe serveertips . De ‘pilchard’ van weleer is voorgoed zijn oubollig imago kwijt.

Far Breton, ginds geproefd, hier geprobeerd

Nog meer Bretagne met een echte lokale specialiteit : de far Breton! Iedere bakker heeft daar zo zijn eigen recept. De ene maakt het met rozijnen, de andere vervangt rum door cognac. Eén ding staat vast : de far Breton is superlekker en bovendien makkelijk om thuis te maken. Het doet mij qua werkwijze en smaak wat denken aan onze flan of aan die andere zomerse taart : clafoutis. De pruimen en de rum zorgen dan weer voor een aparte én vernieuwende combinatie.

Wat heb je nodig? 1l hoevemelk, 250g bloem, 200g fijne suiker, 5 eieren, 1 glaasje rum, 24 gedroogde pruimen zonder pit en wat extra bloem voor de pruimen.

Hoe ga je te werk? Breng de melk aan de kook. Meng de bloem met de suiker en de eieren. Voeg dit mengsel beetje bij beetje bij de melk toe en blijf goed roeren. Giet er vervolgens ook de rum bij. Wentel de pruimen even door de bloem (dit zorgt ervoor dat ze niet gaan zweven in de taart). Boter een bakvorm in en leg er de pruimen in en giet er ook het beslag bij. Laat eerst 10 min bakken in een oven van 200 graden. Verlaag nadien de oventemperatuur tot 170 graden en laat nog een 50-tal minuutjes verder garen. Een prik met een vork helpt je om de gaarheid te controleren.

Serveren en bewaren? Snij de far in dunne plakken en je kan het makkelijk een 4-tal dagen bewaren in de koelkast.  (recept gevonden in het boek De Smaken van Bretagne van Anouck Schuyesmans en Joris Delanghe)

 

De kraampjes van Cancale

Vorige week genoten wij van een paar daagjes Bretagne. Naast de stoere kusten en de mooie vuurtorens ben ik vooral fan geworden van Cancale, de oesterhoofdstad van deze Franse regio. Vroeger was de stad een echt piratennest en vooral bekend om haar Newfoundland-vaarders, stoere vissers die voor de kust van Canada kabeljauw gingen vangen. Vandaag zorgt de oestervangst en het toerisme voor geld in het laadje. Langs de kade tref je er dan ook een overaanbod aan visrestaurants waar je uitgebreid kan genieten van fruits de mer of ander lekkers uit de zee.

Voor ons geen sjieke bedoening op een terras met zicht op zee. Wij gingen voor ‘the real stuff’ en kochten oesters, gepresenteerd op een kartonnen bord, aan één van kraampjes bij Pointe des Crolles. Voor 13 mega oesters betaalden wij 5,50 euro. Een heerlijke culinaire beleving met onze voeten in het zand kregen wij er gratis bovenop….

  

Bouchons de Bordeaux

Noem het een geluk dat ons nichtje een stageplaats kon bemachtigen in Bordeaux. Noem het nog een groter geluk dat manlief, schoonzus en het andere nichtje het voorbije weekend haar een blitzbezoek brachten. Noem het tot slot nog het grootste geluk dat ze een aantal culinaire souvenirs meebrachten.

Ziehier mijn oogst :

IMG_2858.JPG

Macarons (niet de echte maar minstens even lekker), grof zeezout met een texmex-toets, een verrassende cakemix met gedroogde tomaten en olijven (waar ik later nog wel eens een berichtje over schrijf) en tot slot de enige echte Bouchons de Bordeaux. Dit is een plaatselijk koekje op basis van amandelen en rozijnen en geparfumeerd met Fine Bordeaux Napoléon De leuke vorm vorm (hoe kan het ook anders in een flessenkurk) maakt dit koekje best presentabel. Alleen aan de smaak moet ik nog wat wennen…