Winterse balletjes in seldersaus

Op een koude sneeuwdag gaat niets boven heerlijke ‘winterkost’.  Meer nog het is de perfecte gelegenheid om wintergroente ‘selder’ erbij te halen en gezellig te kokkerellen. Wat denk je van een winterse variant van balletjes in tomatensaus?!

Afbeelding 3

Wat heb je nodig? 500g gemengd gehakt, 1 teentje look, 1⁄2 bussel peterselie, 2 eetlepels paneermeel, 1 ei, 1 witte selder, 2 sjalotten, ½ fles wijn, 2dl room, verse tijm en laurier (bouquet garni) en peper en zout.

Hoe ga je te werk? Plet de look fijn met de zijkant van een breed mes en hak de peterselie. Doe het gehakt in een grote mengkom en voeg het paneermeel, het ei, de geplette look en de peterselie toe. Kneed het vleesmengsel en voeg naar smaak wat zout en peper van de molen toe.

Afbeelding 5

Rol egale balletjes (van zo’n 3 à 4 cm diameter).
  Verhit een klont boter in een pan en bak de balletjes rondom rond goudbruin. De balletjes moeten nog niet doorbakken zijn, want straks garen ze verder in de seldersaus.

Afbeelding 4

Afbeelding

Hak de sjalotten fijn en snij de bleke stengels van de selder in kleine stukjes. Smelt een klontje boter in een ruime kookpot en stoof de sjalot en de selder aan op een matig vuur. De selder mag gerust een beetje kleuren. Maak intussen een bouquet garni door enkele takjes tijm en de laurier samen te binden met keukentouw, en voeg het toe aan de pot.

Afbeelding 1

Voeg een flinke scheut witte wijn toe en laat de alcohol even verdampen. Schenk de room in de pot. Doe de balletjes bij dit mengsel, zet het deksel op de pot en laat alles een kwartier sudderen op een zacht vuur. Giet ondertussen ook wat wijn in de kok en geniet van een heerlijk glaasje.

Afbeelding 2Serveer de balletjes met selder met puree of een gekookte aardappel.

Tips & trics? Er kan ook een gesnipperde sjalot bij het gehaktmengsel, maar dan moet je die vooraf kort aanstoven. Ik verkies de binnenste stengels van de groente. Wie de buitenste stengels gebruikt, kan ze beter vooraf even schillen, zodat er geen harde vezels in de pot terecht komen. De rest kan je gebruiken in de soep. Wie niet van wijn houdt, kan ook groente- of kippenbouillon gebruiken.

Bedankt Jeroen voor het recept!

Dagelijkse kinderkost : het krokettenmachien

“En wij doen er een kilooken zout en een half paksken boter bij”. Met deze zin imiteert mijn dochter met veel smaak haar groot idool. Haast letterlijk hangt ze aan zijn lippen en stijgt  haar goesting om te koken met de dag.

Om haar en onze jongste spruit de knepen van het vak te leren, plan ik regelmatig een lesje ‘Dagelijkse Kinderkost’. Na de tomatensoep met balletjes en het vleesbrood, haalden wij vorige week het krokettenmachien van onder het stof.

Wat heb je nodig? 1 kg  bloemige aardappelen, 2 el bloem, 2 eigelen, 1 ei, een scheutje melk, een scheutje water,  nootmuskaat, peper, zout en paneermeel.

Hoe ga je te werk? Schil de aardappelen en kook ze gaar. Pureer ze door een roerzeef en kruid met peper en zout. Voeg het ei toe en meng tot je een homogene massa bekomt.

Vul de krokettenmachine met de puree en druk goed aan. Snij vervolgens de kroketten in gelijke grootte en zet ze  een paar uurtjes koud weg.

Rol ze door de bloem, klop eigeel los en doe er een beetje water bij. Dop de kroketten in het eigeel, daarna in het paneermeel, dan opnieuw in het eigeel en opnieuw in het paneermeel. Deze dubbele beurt is heel belangrijk om een krokant korstje te bekomen.

Bak ze goudbruin en serveer ze met heerlijk ouderwetse erwtjes & worteltjes…

Dagelijkse kinderkost : vleesbrood

Lekker gehakt +  eitjes +  broodkruim =  een huisbereid vleesbrood. Als mijn dochters deze optelsom onthouden , heeft onze tweede kookles zijn doel bereikt.

Wat heb je nodig? 1kg vers gehakt van de beenhouwer, 3 eieren, 3 sneden oud brood, kruiden of garnituur naar keuze (mozzarella-zongedroogde tomaat, fruit en Grand Marnier zijn geslaagde combinaties)

Hoe ga je te werk? Verkruimel met de hand het oud brood. Voeg het broodkruim samen met de eitjes bij het gehakt. Meng alle ingrediënten goed door mekaar en maak er een mooi bolletje van. Zoek een leuke bakvorm en schuif het vleesbrood een 20-tal minuten in een voorverwarmde oven van 180 graden.

Serveren? Met een stevige boterham, krieken en/of confituur.

Een lekker ouderwetse wafelenbak…

Je nodigt een stel vrienden uit, je plant een leuke randactiviteit  - eerst de nodige calorieën verbranden in een loopwebstrijd-, je voorziet een aantal wafelijzers en -bakkers, je zet wat lekkere streekbiertjes koel en het feest kan beginnen….

Zoals onze familietraditie het wil is november de maand om ons wafelijzer boven te halen. Dat ‘ons’ kan je wel letterlijk nemen want oorspronkelijk was het een wafelijzer van mijn grootmoeder. Nu 24 jaar na haar dood doet het nog altijd dienst. Het werkt zelfs beter dan de ‘gloednieuwe’ varianten. Ook van haar recept bleven wij af. Van ingrediënten tot werkwijze, alles bleef onveranderd. Hoog tijd om dit familierecept met jullie te delen….

 Wat heb je nodig? 1kg fijne bloem, 4 eieren, 500g hoeveboter en wat extra boter om het wafelijzer in te smeren, 200g suiker, 2 zakjes vanillesuiker, 1 blokje verse gist, 5dl melk en 5dl spuitwater of pils.

Hoe ga je te werk? Verwarm op een zacht vuurtje de melk en in stukjes gesneden boter. Los ondertussen de gist op in wat lauw water. Doe de bloem, de suiker en de vanillesuiker in een grote kom. Maak er een kuiltje in en giet er de gist, de eidooiers en een deel van het melk en botermengel. Roer er beetje bij beetje de bloem bij en voeg geleidelijk het melkmengsel toe tot de een glad mengsel bekomt. Vervolgens maak je het deeg extra luchtig met het spuitwater en klop tot slot de eiwitten tot schuim en voeg die onder het deeg. Laat het deeg nu minstens anderhalf rijzen op een warme maar tochtvrije plaats. Als de gist zijn werk goed doet, moet het deeg in volume verdubbelen. Maak tot slot je wafelijzer goed heet en neem vooral je tijd om te bakken. Reken op een 3 à 4 minuten per wafel.

Serveertips? Ook hier geldt het ‘less is more’ principe en wordt er enkel bloemsuiker of bruine suiker op tafel gezet.

Over zoetemelksaus…

Mijn grootmoeder zaliger zou vandaag content zijn. Haar – of dat van haar grootmoeder- recept hier lezen zou haar vast plezieren. Zoetemelk-saus was zo één van de Vlaamse klassiekers die ze vaak -én zeker op goede vrijdag- op tafel toverde. Het is een gerecht met een lange geschiedenis  en typisch voor onze streek (regio Aalst-Ninove). Niettegenstaande de benaming “zoetemelk-saus” is deze saus absoluut niét zoet, het verwijst enkel naar het verschil tussen gewone melk (zoet) en botermelk (zuur). Dit gerecht is tevens het bewijs dat vegetarisch koken bijzonder  authentiek kan zijn…

Wat heb je nodig? 1kg gekookte  aardappelen (vastkokend), 600g gekookte prinsessenboontjes, 8 zachtgekookte eitjes (dus ongeveer 4 minuten koken), 5dl verse hoevemelk, 70g  goei boter, peper, zout heel veel nootmuskaat.

Hoe ga je te werk? Laat de boter smelten en flink bruin worden. Neem van het vuur en laat eventjes afkoelen. Voeg de melk toe en breng de saus op smaak  met zout, peper en nootmuskaat en warm de saus nog even op. Schik tot slot de aardappelen op een bord en leg de boontjes er bovenop. Maak een kuiltje voor de zachtgekookte eitjes en overgiet met een flink kwak zoetemelksaus.

Serveren of variëren? Als je het graag wat scherper hebt, strooi er dan fijngesnipperde ui over.

Kermisfood

Naast puur amusement voor de jongsten is kermis voor mij synoniem voor culinair genieten. Smullen van een heerlijk stukje taart, genieten van een gezellig familie-etentje en vooral uitkijken naar de echte kermisvlaai…

Zoals de kermistraditie het wil, wordt er bij ons altijd een grote kom vlaai gebakken. Zo er families zijn, zijn er recepten. De ene maakt ze op de Aalsterse manier met mastellen en siroop, de andere houdt het bij peperkoek en beschuiten en nog anderen voegen er gekonfijt fruit bij. Ik weet ze allemaal te appreciëren maar heb toch een lichte voorkeur voor ons eigen familierecept. Mijn grootmoeder maakte het met veel zorg en hield voor haar kleine smulpapen altijd een paar kommetjes van het ongebakken deeg over. Een betere, calorierijke beschuitenpap kon ik mij niet dromen…

Wat heb je nodig? 2l verse hoevemelk,  6 eieren, 250g peperkoek,  150g beschuiten,  12 el kristalsuiker en een scheutje Grand Marnier.

Hoe ga je te werk? Peperkoek en beschuiten in kleine stukjes breken en nadien  melk, suiker en de losgeklopte eieren toevoegen. Dit mengsel laat je vervolgens een paar uurtjes weken en net voor het in de oven gaat, voeg je een scheut Grand Marnier toe.  De vlaai laat je tot slot een klein uurtje bakken op 180 graden.

Serveertips: Vlaai is heerlijk op de boterham maar ook als een onderdeel van een dessertbord met andere Vlaamse specialiteiten als chocolademousse, rijstpap en vers inlands fruit.

Chocolademousse

Met welke desserts kan je op een internationaal burenfeestje beter uitpakken dan met rijstpap en chocolademousse? Ik ging even grasduinen in al mijn kookboeken en kwam tot de conclusie dat dit recept van chocolademousse veruit het beste is…

Wat heb je nodig? 6 eiwitten, 3 el suiker, 300g donkere chocolade, 5dl room.

Hoe ga je te werk? Breek de chocolade in kleine stukjes en voeg 1 dl room toe. Maak een badje klaar en smelt de chocolade ‘au bain marie’. Klop de overige room met de suiker stijf en meng deze onder de gesmolten chocolade. Klop ook de eiwitten stijf en meng deze onder het chocolade-roommengsel. Verdeel in kleine potjes of doe zoals ik en serveer alles in een mega kom.

En onze Amerikaanse vriendjes vonden het ‘delicious’ en waren weer eens ‘amazed’ over onze rijke Vlaamse eetcultuur….

Huisgemaakte mayonaise

Omdat de versgemaakte de beste is, geef ik jullie mijn succesrecept. Mislukken kan haast nooit als je deze regels in acht neemt :  

  • Neem je tijd om te roeren en te mengen
  • Maak het in een groot diep bord zodat je veel plaats hebt om te roeren
  • Zorg dat alle ingrediënten die je gebruikt op kamertemperatuur zijn

Wat heb je nodig? 2 eierdooiers, 1 el mosterd van Wostyn, 2 el azijn, 4dl sla-olie, peper en zout

Hoe ga je te werk? Meng de eierdooiers met de mosterd in een groot diep bord en voeg wat water, peper en zout toe. Voeg vervolgens druppelsgewijs de olie toe en meng dit goed onder het mengsel. Tot slot geef je de mayonaise extra smaak met de azijn, peper en zout.

Serveren? In een leuk potje met verse frietjes en heerlijk stoofvlees.

Vol-au-vent

Ook hier geen compromissen : het is huisbereide vol-au-vent of geen vol-au-vent. Mijn maag keert al bij het zien van de supermarktvariant. Je betaalt veel geld voor veel saus met weinig vlees en nog minder smaak. Niets gaat boven de smaak van homemade bouché à la reine : sappig vlees, lekkere balletjes, pittige saus. 

Alleen, moet je er tijd voor (hebben) maken want met de voorbereiding, het koken van de kippen en het bereiden van de saus ben je al gauw een paar uurtjes zoet.  Bovendien krijg je er  gratis een flinke afwasberg bij. Maar laat je vooral niet ontmoedigen en ga zoals ik voor de echte goeie smaak.

Wat heb je nodig? 2 braadkippen, 500g gehakt, 500g champignons, 2 preiwitten, 2 selderstengels, 2 wortels, takje tijm, 2 laurierblaadjes, 3l water, peper, zout, 200g boter, 200g bloem, 2 el madeirawijn en 1 citroen.

Hoe ga je te werk? Leg de kippen in een grote kom en strooi er de fijngesneden prei, selder en wortel over en ook de tijm en laurier toe. Zet de kippen onder water en breng aan de kook. Vervolgens laat ze de kip zachtjes gaar koken. Hoelang dit is hangt af van de grootte van de kippen. Het vlees moet zoals ze in vaktermen zeggen ‘makkelijk van het beentje gaan’.

Snij de champignons ondertussen in 4 en bak ze aan in wat boter. Rol de balletjes en kook ze gaar in kokend water.

Haal de kippen uit het kookvocht en laat afkoelen en zet 2l van het kookvocht apart voor de saus.

Voor de saus smelt je 200g boter in een kom en voeg je geleidelijk 200g bloem toe, dit mengsel laat je even ‘bakken’ om de bloemsmaak te verwijderen en vervolgens voeg je ook geleidelijk het kookvocht toe. Deze gladde saus breng je verder op smaak met 2 el madeirawijn, het sap van een citroen en flink van peper en zout.

Bijkomende tips :

1. Koop altijd kippen van een deftige kwaliteit.

2. Ga voor de lekker ouderwetse manier met echte groenten en echte aroma’s.

3. Geef extra smaak met madeirawijn en citroen maar overdrijf ook niet want deze smaken gaan gauw overheersen.

4. Giet de overschot van je kookvocht niet weg maar vries het in en gebruik het later voor een lekkere kippensoep of saus.

5. Maak altijd een megaportie en stop van extra potje in je diepvriezer.

Lekker vintage : tong in madeirasaus

De klassieker onder de klassiekers is ongetwijfeld ossentong in madeirasaus. Vroeger prijkte het vaak als hoofdschotel op een bruiloftsmaal en werden ze ‘advokaatstukken’ genoemd. Ook nu blijft deze schotel populair en heeft dit gerecht een hoog ‘vintagegehalte’. Met oudejaar probeerde ik het voor de eerste keer en met succes. Voorzien wel voldoende voorbereidingstijd als je er zelf aan begin…

 IMG_2309.JPG

Wat heb je nodig? 1 rundstong, 1 stengel prei 1 stengel selder, 1 wortel, 1 teentje look,1 ajuin, enkele takjes tijm en een blaadje laurier.50g bloem, 50g boter, peper en zout, 0,75l van het kookvocht,  2,5 dl madeira, 1 blok rundsbouillon, 60 g tomatenpuree en 250g champignons.

Hoe ga je te werk? Snij alle groenten fijn, doe water in een grote kom en voeg de groenten, het kruidentuiltje (tijm, laurier,…) en de tong toe. Breng alles aan de kook en laat nadien een drietal uurtjes verder garen. Controleer regelmatig en prik op het einde van gaartijd in de tong om te controleren of ze helemaal gaar is. Neem de tong vervolgens uit de bouillon en pel ze meteen (als je te lang wacht wordt het moeilijker). Zet de bouillon een nachtje koel weg.

Schraap het vet weg en start met het maken van de saus. Neem de bloem en de boter en voeg de bouillon en de madeira toe en laat opkoken. Kruid af met peper en zout en voeg de tomatenpuree toe en roer eronder. Bak de champignons apart in een pan en voeg ze bij de saus. Breng op smaak met peper en zout en serveer met een heerlijk smeuïge aardappelpuree